Joost van Caam en Sylvia Spierenburg over ‘Bouwen aan Expertise Netwerken’
BEN en BEN in de buurt worden samengevoegd en gaan verder als brede beweging onder de noemer ‘Bouwen aan Expertise Netwerken’. Waarom worden de krachten gebundeld en wat betekent dit? Joost van Caam, directeur-bestuurder bij het samenwerkingsverband, gaat in gesprek met Sylvia Spierenburg, bestuurder bij Kolom.
Verderzetten ambities
BEN Amsterdam en BEN in de Buurt hebben een andere ontstaansgeschiedenis, met andere voorlopers. Ook de financiering van beide initiatieven was anders geregeld. Maar de kernambitie was en blijft hetzelfde: de expertise die er is, versterken we en delen we met elkaar. Het liefst in de buurt, zodat elk kind in de eigen wijk het onderwijs en de ondersteuning krijgt die het beste past. Die ambitie is broodnodig, want het speciaal onderwijs bereikte vorig jaar haar grens: overvolle scholen en forse personele uitdagingen door een groot lerarentekort.
Sylvia – ‘Een verwijzing naar speciaal onderwijs, waarvoor kinderen ook nog eens de wijk voor uit moeten, leidde niet meer vanzelfsprekend tot een plaatsing. Hierdoor bleven meer kinderen in de eigen buurt op de reguliere basisschool. Daar is wel hulp en expertise bij nodig. Het speciaal onderwijs biedt die expertise. Dankzij de samenwerking met de gespecialiseerde jeugdhulp binnen SJSO is er ook expertise met ondersteuning aan het kind én gezin.’
Grondige analyse en zoektocht met elkaar
Als je 220 scholen van specialistische jeugdhulp wil voorzien, dan ontstaat onvermijdelijk een discussie die vooral gaat over ‘wie’ dat gaat doen. Terwijl het in de kern gaat over ‘wat’ er precies nodig is in een school of buurt. Een goede analyse is voorwaardelijk voor een goede start. Welke problemen spelen er, waar liggen de oorzaken, wat zijn mogelijke oplossingen? Ligt er een taak voor het OKT, de gespecialiseerde jeugdhulp, de ouders zelf? Of moeten vooral het schoolbestuur en de school de pedagogische basis op orde krijgen? Kan het samenwerkingsverband aan de oplossing bijdragen? Deze startanalyse werd bedacht en samengesteld voor de Pleinenaanpak in twee buurten in Amsterdam Zuidoost, een eerder project dat model stond voor de BEN-aanpak op stedelijk niveau. De professionals op en rond deze scholen maakten samen de startanalyse en kregen hierbij ondersteuning van Kolom en Orion.
Joost – ‘Als we de zoektocht met elkaar maken, levert dat veel meer op. Dan zoeken we vanzelf in eerste plaats naar oplossingen in de school en in de buurt, naar wat professionals samen anders kunnen doen. Dat is veel waardevoller dan in een kramp blijven focussen op het probleemgedrag van een kind.’
In de buurt
Bij BEN Amsterdam was de centrale vraag steeds: ‘hoe helpen we dit kind goed?’ De gemeente had subsidie ontvangen van het ministerie van OCW (NPO) en vroeg het Ouder- en Kindteam en de schoolbesturen om mee te denken over het terugdringen van de onderwijsachterstanden, die door corona nog groter waren geworden. Het voortzetten en uitbreiden van de Pleinenaanpak was het advies en legde de basis voor de BEN-aanpak. BEN Amsterdam werkte met aanjagers en ging uit van het credo: ‘vooral doen wat nodig is’. Hierbij werd duidelijk dat ‘one size fits all’ niet bestaat, omdat passend onderwijs er voor ieder kind en op elke school anders uitziet.
BEN in de Buurt ontstond lokaal, uit een gezamenlijk initiatief van een paar schoolbesturen in Amsterdam-West die het roer om wilden gooien. Ze spraken hardop de ambitie uit om alle kinderen in de eigen wijk naar school te laten gaan. De focus lag hier meer op een infrastructuur in de wijk creëren, waardoor scholen de juiste ondersteuning ontvangen om alle leerlingen ‘binnenboord’ te houden. De schoolbesturen waren zelf in de lead en bouwden aan inclusieve scholen.
Sylvia – ‘BEN in de Buurt legde dus de focus op structuren en (expertise)netwerken aanleggen en wat er al is, goed borgen en versterken. De manier van aanvliegen was anders: de scholen in Bos en Lommer en Osdorp zijn de primaire gesprekspartners. Het bestuur zit bij elkaar in de buurt. Dat maakt het makkelijk om samen om de tafel te gaan en elkaar steeds beter te leren kennen. Ook loslaten en aan de ander overlaten wordt makkelijker als je elkaar goed kent.’
‘Zwaluwstaarten’: integreren
BEN in de Buurt en BEN Amsterdam bleken aanvullend te zijn. Als je ze in elkaar schuift, versterken ze elkaar, net als de zwaluwstaartverbinding die Joost nog uit de wereld van houtbewerking kent. Er zijn naast netwerken in de wijk ook aanjagers nodig, die helpen en steunen bij relaties maken en die helpen bij het creëren van een taal die voor iedereen duidelijk is. Deze aanjagers zorgen ervoor dat mensen met elkaar spreken in plaats van over. Als je deze ontmoetingen in de buurt organiseert, kom je samen waar de uitdagingen echt spelen. Als je dicht bij elkaar zit, wordt het veel makkelijker om je expertise te delen en waar nodig in te zetten.
Joost – ‘We willen geen concurrentie, want we willen hetzelfde: dat professionals elkaar vinden. Zelfs die ene jeugdhulpverlener die in het verleden niet op scholen kwam, wordt bij het Bouwen aan Expertise Netwerken een volwaardige samenwerkingspartner. Het is belangrijk dat professionals zelf in de lead blijven en de ruimte krijgen om te doen wat nodig is. Zij kennen de kinderen en gezinnen het best.’
Iedereen een plekje, overal anders
De uitdagingen worden niet kleiner: de personeelstekorten blijven voor extra druk op de ketel zorgen. Dit lerarentekort betekent ook een tekort aan expertise op scholen. Daarmee is de urgentie voor goede samenwerking en het delen van expertise alleen maar groter geworden. Want hoe complex de uitdaging ook is, iedereen moet een plekje krijgen. Deze omvangrijke ambitie vraagt naast samenwerking om geduld. De context is immers zo bepalend voor wat je gaat doen en de analyse kan niet overgeslagen worden.
Sylvia – ‘We gaan stap voor stap, maar de beweging is wel degelijk op gang. Ik merk dat de visie op inclusief onderwijs steeds breder gedragen wordt. De expertise die onze medewerkers hebben, wordt vaker ingezet op andere scholen. We gunnen elk kind onderwijs in de buurt. Hoe we dat bereiken, valt niet zomaar voor te schrijven. Dat zoeken we met elkaar uit.’
Interview door:
Marie Meeusen